Vuurwerkramp Enschede
De vuurwerkramp Enschede vond plaats op 13 mei 2000. Ontploffingen in het vuurwerkbedrijf S.E. Fireworks vaagden de hele woonwijk Roombeek in de Twentse stad Enschede weg. Er vielen 22 doden en ca. 950 gewonden. Tweehonderd woningen werden volledig verwoest; ca. 1500 woningen buiten de wijk en ca. 500 omliggende bedrijven raakten zwaar beschadigd; 1250 mensen raakten dakloos. De materiële schade werd geschat op ongeveer 1 miljard gulden. De oorzaken van de ramp zijn nog steeds niet helemaal duidelijk.De twee directeuren van het bedrijf, Rudi Bakker en Willie Pater, werden op 2 april 2002 door de rechtbank vrijgesproken van de schuld voor de dood van de slachtoffers. Zij kregen 6 maanden gevangenisstraf opgelegd, waarvan drie voorwaardelijk en een milde boete (2250 euro) voor het opzettelijk overtreden van een aantal milieuvoorschriften en handel in illegaal vuurwerk. Na drie maanden voorarrest kwamen zij vrij. Het gerechtshof in Arnhem veroordeelde de twee directeuren op 12 mei 2003 in hoger beroep echter tot een jaar celstraf. Volgens het hof hebben zij zich schuldig gemaakt aan het overtreden van milieuvoorschriften, illegale handel in vuurwerk en brand en ontploffing door schuld met de dood tot gevolg. Bakker en Pater hebben gezegd beroep in cassatie in te zullen stellen bij de Hoge Raad.
Op 22 mei 2002 veroordeelde de rechtbank in Almelo André de V. tot vijftien jaar gevangenisstraf, wegens de brandstichting op het terrein van het vuurwerkbedrijf, die leidde tot de ontploffing van het opgeslagen vuurwerk. De veroordeelde, die bij de uitspraak van het vonnis de rechter te lijf wilde gaan, riep dat hij onschuldig is en ging in hoger beroep. Op 12 mei 2003 werd hij door het gerechtshof in Arnhem vrijgesproken van brandstichting. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank in Almelo. Het hof vond dat er geen overtuigend bewijs was voor zijn schuld, en dat hij daarom moest worden vrijgesproken. In het bijzonder vond het hof dat weinig bewijskracht uitging van de onsamenhangende verklaringen die De V. had gedaan in het huis van bewaring.
De ramp heeft in Nederland geleid tot onderzoek naar regelgeving en regelhandhaving op het gebied van vuurwerk en andere ontplofbare stoffen door rijk en gemeente. Sommigen meenden dat laks overheidsoptreden de voorwaarden voor de ramp heeft geschapen en dat degene die de brand aanstak niet alleen verantwoordelijk mag worden gehouden. Ook meenden sommigen dat de in 2002 door de rechtbank opgelegde straffen niet met elkaar in verhouding waren.
Externe links






